Omgaan met weeën

Iedereen gaat anders om met weeën, de één gaat het makkelijker af dan de ander. Je eigen lichaam maakt ook pijnstillende hormonen aan, ook wel endorfines genoemd, waardoor je beter om kan gaan met pijn. Het is daarbij belangrijk dat je zo goed en zo kwaad als het gaat blijft zoeken naar ontspanning. Neem bijvoorbeeld een warme douche of bad, laat je partner je masseren of zoek afleiding in andere dingen zoals Yoga of muziek.

Soms heb je meer nodig dan een warme douche, hieronder wat meer informatie over pijnbehandeling:

Pijnbehandeling zonder medicatie

TENS

TENS-Elle1De geboorte-TENS (Transcutane Elektrische Neuro Stimulaties) is een klein apparaatje die aangesloten is op 4 stickers. Deze stickers kun je op de onderrug plakken en geven kleine stroomstootjes als je hem aanzet. Je bedient het apparaatje zelf en je kunt de intensiteit verhogen en/of gebruik maken van een boost naarmate de weeën heftiger worden. De stroomstootjes geven een prikkelend of tintelend gevoel. Het idee is dat deze prikkeling de zenuwgeleiding verstoort die het gevoel van pijn doorgeven, het stimuleert de afgifte van jouw eigen pijnstillende stoffen en het heeft een spierontspannende werking. De ervaringen zijn wisselend, maar er zijn veel vrouwen die er baat bij hebben. Het geeft je iets in handen waarop je je kan focussen.

Wij hebben een TENS apparaat (Elle) op de praktijk die je gratis kunt gebruiken, je betaald dan alleen €15,- voor de stickers. Voor meer informatie kijk op www.geboortetens.nl

Acupunctuur

Op bepaalde punten van je lichaam worden kleine naalden geplaatst. Deze punten staan in verbinding met je organen. Wanneer je ergens pijn hebt, kun je door het plaatsen van naalden de balans in het lichaam herstellen en de pijn verminderen. Kijk onder het kopje handige links naar acupuncturisten in deze omgeving.

Acupressuur

Acupressuur werkt op dezelfde basis als acupunctuur. Er wordt gebruik gemaakt van drukpunten die verlichting kunnen bieden tijdens de bevalling. Er is een handig document waarin de drukpunten omschreven staan. Vraag ons ernaar tijdens je controle!

Pijnbehandeling met medicatie

Voor elke vorm van medicinale pijnstilling moet je naar het ziekenhuis. Meestal betekent dit ook dat we jou moeten overdragen aan de verloskundigen en /of gynaecoloog van het ziekenhuis. Er zijn verschillende vormen van pijnstilling, elke vorm heeft voor en nadelen. Als je kiest voor pijnstilling hangt het van verschillende factoren af welke pijnstilling op dat moment het meest geschikt voor je is. Bij een overdracht beslis je samen met de dienstdoende verloskundige van het ziekenhuis welke pijnstilling op dat moment de juiste is.

Lachgas

In het Beval centrum West van het OLVG-west (voorheen St. Lucas Andreas ziekenhuis) wordt lachgas aangeboden. Lachgas (Relivopan®) is een mengsel van (di)stikstof(oxide)(N2O) en zuurstof (O2). Je geeft jezelf alleen tijdens een wee lachgas via een mond/neusmasker. Je doet een kapje over je neus en mond, hangt een kin-masker om en ademt het gas in. Na de wee haal je het kapje weer weg en stopt de toediening vanzelf. Wij houden in de gaten of je het lachgas goed gebruikt. Het voordeel van Lachgas is dat het snel toegediend kan worden, er niet eerst een CTG-registratie nodig is en wij kunnen het je zelf geven, je hoeft dus niet overgedragen te worden.

Het voordeel is dat je doordat je lachgas gebruikt beter kunt ontspannen, dit heeft vaak een positieve werking op de vordering van de ontsluiting. Verder is het een voordeel dat het lachgas snel inwerkt, na 1 minuut voel je al effect, en ook weer snel uitwerkt. Dus als de baby bijna geboren wordt zorgen we ervoor dat je geen lachgas meer gebruikt zodat je ook zelf weer helemaal helder bent op het moment dat je baby ter wereld komt.

Nadelen: Het neemt de top van de pijn weg, maar je blijft wel pijn voelen, je zit gebonden aan een afzuigsysteem waarbij ook de uitgeblazen adem weggezogen wordt door middel van een kin masker. Je kunt dus niet meer rondlopen. Sommige vrouwen worden misselijk en duizelig van het lachgas, meestal trekt dit snel weg, maar dit kan wel vervelend zijn. Tijdens het persen kun je geen lachgas meer gebruiken.

Heb je een vitamine B12 tekort of recent een oogoperatie gehad? Dan wordt het afgeraden om lachgas te gebruiken.

Pethidine

Pethidine is een morfineachtige stof die door middel van een injectie in je been toegediend kan worden. Niet in alle ziekenhuizen wordt meer gebruik gemaakt van Pethidine.

Pompje met Remifentanil

Remifentanil is een morfineachtige stof die wordt toegediend via een infuus. Je krijgt continue een lage dosis toegediend. Daarnaast kun je jezelf met behulp van een drukknop een extra hoeveelheid geven. Het pompje is zo afgesteld dat je jezelf nooit te veel kunt geven. Niemand anders dan jijzelf mag dit knopje bedienen. Remifentanil heeft als effect dat je wat slaperig en sloom wordt door de morfine, hierdoor kun je tijdens de weeën vaak beter ontspannen, dit heeft meestal een positief effect op de vordering van de bevalling.

Voordelen zijn dat Remifentanil snel werkt, binnen 10 minuten voel je al effect. Remifentanil verdooft de pijn ongeveer even goed als pethidine, dat betekent dat de scherpte van de pijn eraf gaat, maar dat je nog steeds je weeën zult voelen. Remifentanil is binnen 10 minuten weer uitgewerkt na het stop zetten van de pomp, dit betekent dat als je het niet prettig vindt het snel uitgewerkt is of als het persen gaat beginnen je snel weer helemaal helder bent. Na de bevalling is Remifentanil snel uit je bloed verdwenen.

Nadelen: Voordat de Remifentanil gestart kan worden, moet er eerst 30-45 minuten een CTG-registratie gemaakt worden. Hiermee wordt gekeken of de conditie van je kindje goed genoeg is om de pijnstilling te geven. Remifentanil heeft ook effect op het kindje. Om die reden is het belangrijk dat je kindje goed in de gaten gehouden wordt. De rest van de bevalling blijft het CTG aan staan. Remifentanil kan van invloed zijn op je ademhaling en op de hoeveelheid zuurstof in je bloed. Daarom moeten jij en je kindje bij gebruik van dit middel continu zorgvuldig in de gaten worden gehouden. Het is nog niet goed onderzocht welk effect remifentanil op de borstvoeding heeft.

Epiduraal (ruggenprik)

Een ruggenprik is een injectie in je onderrug met een combinatie van verschillende pijnstillende medicijnen. De anesthesioloog brengt onder plaatselijke verdoving onder in je rug een naald aan. Daarbij moet je je rug bol maken en zoveel mogelijk stil blijven liggen of zitten. Via de naald wordt een dun, soepel slangetje in je rug gebracht. De naald gaat er weer uit, het slangetje blijft zitten. Door dit slangetje krijg je tijdens de hele bevalling pijnstillende medicijnen toegediend. Binnen 15 minuten voel je dat de pijn een stuk minder wordt.

Voordelen: Als de ruggenprik goed zit heb je goede kans dat je niet of nauwelijks meer pijn ervaart, in die zin is het de beste vorm van pijnstilling. Soms kun je met een ruggenprik nog even slapen. Een ruggenprik heeft op zich weinig effect op de conditie van je kindje. Als er complicaties zijn, bijvoorbeeld door koorts, zijn er wel gevolgen. Je kindje kan dan medicijnen krijgen of moet langer in het ziekenhuis blijven. Je wordt niet slaperig of suf van een ruggenprik.

Nadelen: Soms, bij 5 tot 10 van de 100 vrouwen, werkt een ruggenprik onvoldoende. De ruggenprik wordt dan soms opnieuw uitgevoerd.

Ondanks dat het pijnstillende effect bij de ruggenprik het grootst is, heeft een ruggenprik meer bijwerkingen en gevolgen voor jou en je kindje dan een injectie met pethidine, het pompje met remifentanil, of lachgas. Voor de volledigheid hieronder alle negatieve mogelijke bijwerkingen:

  • Het persen duurt langer. Daardoor heb je meer kans op een bevalling met zuignap of vacuümpomp (een ‘vaginale kunstverlossing’).
  • Je hebt een grotere kans op een keizersnede omdat het niet goed gaat met je kindje.
  • De weeën zijn vaak minder krachtig en je hebt extra medicijnen nodig om de weeën weer krachtiger te maken.
  • Je hebt vaker een lage bloeddruk. Daarom krijg je een infuus met vocht en soms medicijnen om te voorkomen dat je bloeddruk te laag wordt.
  • Je kunt je bed niet uit, omdat je minder gevoel hebt in je benen. Dat komt langzaam weer terug nadat de toediening van medicijnen is stopgezet. Bij een lage dosering heb je meer gevoel in je benen en kun je soms staan en lopen.
  • Je hebt meer problemen met plassen, omdat je door de verdoving niet goed voelt dat je moet plassen. Daarom krijg je vaak (tijdelijk) een blaaskatheter, Na de bevalling wordt de katheter weer verwijderd.
  • Je hebt vaker koorts. Je lichaamstemperatuur kan stijgen door een ruggenprik. Het is dan lastig om te bepalen of dat door de ruggenprik komt of dat het om koorts gaat door een infectie. Voor de zekerheid krijg je dan een antibioticum. Soms moet de baby na onderzoek door de kinderarts worden opgenomen op de kinderafdeling en krijgt het ook een antibioticum.
  • Soms hebben vrouwen tijdens een ruggenprik last van jeuk. Deze bijwerkingen hebben vaak te maken met de samenstelling van de medicijnen.
  • Soms hebben vrouwen na een ruggenprik last van hoofdpijn. Dit komt omdat er een gaatje in het hersenvlies is geprikt waaruit hersenvocht lekt. Deze hoofdpijn kan met medicijnen behandeld worden.